Responsabilisering langdurige arbeidsongeschiktheid

Vorige week bereikte de ministerraad een akkoord over de responsabilisering van werkgevers, werknemers en artsen in het kader van de herinschakeling van werknemers in de onderneming na langdurige arbeidsongeschiktheid.[1] In deze nota wordt kort toegelicht wat de voorgeschiedenis van deze beslissing is en welke maatregelen zullen gelden voor de werkgever, de werknemer en de arts.

Voorgeschiedenis

In het regeerakkoord en de beleidsnota werk was oorspronkelijk voorzien dat  dat de periode van gewaarborgd loon bij arbeidsongeschiktheid op 2 maanden zou worden gebracht “om werkgevers te responsabiliseren”. Vandaag moet de werkgever aan een arbeidsongeschikte bediende gewaarborgd loon betalen gedurende de eerste 30 dagen van de arbeidsongeschiktheid. Het voornemen van de regering om de periode van het gewaarborgd loon naar 2 maanden uit te breiden, zorgde voor grote ongerustheid bij heel wat ondernemers. Deze maatregel zou verschillende nefaste gevolgen hebben, UNIZO heeft zich dan ook nadrukkelijk verzet tegen dit voorstel.

In april 2016 werd beslist dat er een sanctie zou komen voor de werkgever van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer. In het najaar van 2016 kwam de regering met het voorstel om de werkgever 10% van de gemiddelde uitkering tussen 2de en 7de maand van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer te doen betalen. Ook tegen dit voorstel heeft UNIZO zich steeds nadrukkelijk verzet. Werkgevers hebben meestal weinig vat op de oorzaak van concrete ziektegevallen (denk aan een arbeidsongeschiktheid wegens ski-ongeval). Bovendien kan niet alleen de werkgever verantwoordelijk worden gesteld voor het welslagen van een re-integratie, de werknemer en de arts moet eveneens geresponsabiliseerd worden.

Werkgevers

Er zal wettelijk bepaald worden dat de werkgever verplicht is de re-integratie van zijn arbeidsongeschikte werknemer in de onderneming te bevorderen. Werkgevers die onvoldoende inspanningen leveren voor de her-inschakeling zonder dit te motiveren, kunnen een sanctie krijgen. Het betreft een forfaitair bedrag van 800 euro per tekortkoming.

Van de werkgever wordt verwacht dat hij/zij zal meewerken aan de her-inschakeling en/of het voorzien in aangepast werk. Men hoeft hiervoor niet altijd een re-integratietraject uit te stippelen. De werkgever kan, in overleg met de werknemer, ook zonder traject aangepast werk voorzien.

Daarnaast dient de werkgever contact te houden met de zieke werknemers, want dit verhoogt de kans op een geslaagde terugkeer naar de werkplek. Men zal ook redelijke aanpassingen moeten doen aan de werkpost om de her-inschakeling van de zieke werknemers mogelijk te maken.

Als de trajectbegeleider oordeelt dat re-integratie bij dezelfde werkgever mogelijk is mits aangepast werk én als deze werkgever geen inspanningen levert en dit ook niet motiveert, riskeert hij/zij een forfaitaire sanctie (d.i. een boete van 800 euro per individueel dossier).

De sanctie voor de werkgever blijft beperkt tot wie manifest de verplichtingen niet nakomt. Een werkgever die een inspanning levert om zieke werknemers aangepast werk te bezorgen en naar de werkplek te begeleiden, maar vaststelt dat dit onmogelijk te realiseren is en dit motiveert, riskeert geen boete. Een werkgever die zich aan de regels houdt, zal dus niet gesanctioneerd worden.

KMO’s met minder dan 50 werknemers zijn uitgesloten van deze maatregel en van een eventuele sanctionering. Omdat het voor KMO’s vaak erg moeilijk (soms zelfs onmogelijk) is om aangepast of ander werk aan te bieden, wordt voor zowel de werkgevers als werknemers in deze ondernemingen een uitzondering gemaakt. Na één jaar komt er een evaluatie om na te gaan of er in ondernemingen met meer dan 20 en minder dan 50 werknemers problemen zijn voorgevallen met her-inschakeling; en of de verplichtingen en de bijhorende sancties ook hier toepassing moeten vinden.

Luik werknemers

Van de werknemers die langdurig ziek zijn en die nog restcapaciteit hebben, wordt verwacht dat zij ook inspanningen leveren om het aangepast werk of het re-integratietraject te doen slagen. Er zal wettelijke bepaald worden dat de werknemer verplicht is om alles te doen om (binnen de grenzen van wat redelijkerwijs mogelijk is) aan de herinschakeling mee te werken.

Werknemers die manifest weigeren mee te werken aan de re-integratie in de onderneming en hun verplichtingen dus niet nakomen zonder geldige redenen, riskeren eveneens een sanctie.

Als de werknemer zijn administratieve verplichtingen niet nakomt (vb. de vragenlijst niet invult), vermindert de uitkering met 5 procent gedurende maximaal één maand.

Als de werknemer niet komt opdagen voor een gesprek over het re-integratietraject, vermindert de uitkering met 10 procent gedurende maximaal één maand.

Luik artsen

Artsen zullen eveneens geresponsabiliseerd worden. Abnormaal voorschrijfgedrag van artsen zal in kaart worden gebracht. Ook zal er een herziening en modernisering van het wettelijk takenpakket van de externe diensten voor preventie en bescherming op het werk komen.

Timing

De regering heeft nog geen datum van inwerkingtreding vastgesteld voor de responsabiliseringsmaatregelen. Er is enkel bepaald dat “de sancties ingaan zodra de betrokken wetgeving is aangepast”. Bovendien zijn er nog heel aantal bijkomende maatregelen nodig voor regelgeving in werking kan treden.

 

[1] Het gaat enkel om langdurig zieken die nog restcapaciteit hebben om te werken.

Meer over: Gezondheid-Welzijn-HRM, Arbeidsongeschiktheid
Thema: Personeel

Op zoek naar meer ondernemersinfo?

UNIZO ondernemerslijn - 0800 20 750Voor andere nuttige ondernemersinfo
raadpleeg hier het Unizo Kennisnet:
geef uw zoekterm in of zoek per thema
of trefwoord in onze databank.

Of contacteer Unizo Ondernemerslijn voor
een persoonlijk eerstelijns advies of een
nuttig contact.

Ons adviesteam staat voor u klaar!