Lichte daling POL in april: +12,0 - Maar Limburgse ondernemers blijven optimistisch vooruitblikken

  • Daling POL vooral op conto van terugval productiesector en middelgrote bedrijven
  • Bouwsector kent revival, detailhandel handhaaft zich
  • Positivisme bij kleine bedrijven zet zich door
  • Optimisme groter dan ooit bij grootste bedrijven
     

De Polsslag Ondernemend Limburg van UNIZO Limburg en VKW Limburg, de vertrouwensindicator van de Limburgse ondernemers en bedrijfsleiders, vertoont in april 2017 een lichte terugval van +13,9 naar +12,0.  Toch blijft de POL daarmee op het op twee na hoogste niveau in de afgelopen 9 jaar noteren. Aan de basis van de tempering ligt vooral een minder goed geëvalueerd eerste kwartaal van 2017, met +8,4. De vooruitzichten daarentegen blijven stabiel optimistisch met +15,7 voor het komende kwartaal. De Limburgse economie presteert hiermee al zeven opeenvolgende kwartalen op een relatief hoog en stabiel positief niveau.

De productiesector, die de voorbije twee jaar de trekker van de Limburgse economie was, moest in het eerste kwartaal van 2017 de rol lossen. Niettemin blijven de maakbedrijven wel uitgesproken positief vooruitkijken naar het komende kwartaal. De bouwsector daarentegen komt weer boven water na een aantal moeilijke kwartalen. Ook de detailhandel handhaaft zich op een positief niveau, na de stevige sprong voorwaarts en de beste score in 10 jaar die drie maanden geleden werden opgetekend.
Qua grootte blijven de grootste bedrijven op eenzame hoogte opereren, terwijl de kleinere bedrijven én een beter kwartaal én nog sterkere vooruitzichten laten optekenen. Dit in tegenstelling tot de middelgrote bedrijven voor wie Q1 2017 het minst goede van de laatste zeven kwartalen was.

Bart Lodewyckx, gedelegeerd bestuurder UNIZO Limburg: “De globale positieve POL-score is opnieuw een krachtig teken van het vertrouwen en vooral ook de drive die onze Limburgse ondernemers uitdragen. Want het POL-cijfer is rechtstreeks gebaseerd op hun sentiment en ervaring, en komt niet uit allerhande statistieken. Het is dan ook zeker verheugend dat het optimisme bij de kleine bedrijven tot 20 werknemers verder toeneemt, en dat ook geplaagde sectoren als de bouw en de detailhandel positieve klanken laten weerklinken. Toch is dit ook een POL-cijfer met twee gezichten, gelet op de tegenvallende scores van de middelgrote bedrijven en de productiesector. Ook deze signalen zijn serieus te nemen. De pijnpunten in de concurrentiepositie van ons land zijn gekend, maar de structurele oplossingen en effecten voor onze ondernemingen blijven uit. Hoog tijd om met het economisch beleid terug in het offensief te gaan, in plaats van in de loopgraven te kruipen met het oog op de verkiezingen van 2018 en 2019.”

Ruben Lemmens, gedelegeerd bestuurder VKW Limburg: “Erg knap dat de Limburgse economie al zoveel opeenvolgende kwartalen globaal op een positief niveau presteert. De opvallende daling echter die we zien bij onze productiebedrijven verontrust ons wel enigszins. Hun optimisme voor het komende kwartaal blijft gelukkig wel overeind, maar het is toch een signaal. De maakindustrie blijft essentieel als trekker van onze economie. Laat het dan vooral een waarschuwingssignaal zijn voor het beleid. De economische heropleving werd de voorbije twee en een half jaar ondersteund door sterke beleidsmaatregelen. Gevolg: sterke jobgroei. Maar de hervormingsdrive lijkt de laatste tijd te verslappen. Onze internationaal opererende bedrijven blijven een loonkostenhandicap van 10% meetorsen, die versneld moet worden afgebouwd. Door de gevaarlijke cocktail van onze veel hogere inflatie en de nog altijd bestaande automatische indexering loert het terug-naar-af scenario om de hoek. Een lagere vennootschapsbelasting lijkt al helemaal naar het achterplan verschoven. De flexibilisering van de arbeidsmarkt verloopt met mini-stapjes. En op vlak van infrastructuur geraken we in Limburg al helemaal geen stap vooruit, zoals ook de catch-22 inzake spoorinvesteringen tussen NMBS en Infrabel nogmaals bewijst.”

De POL daalt licht naar +12,0
Ondanks de lichte daling van +13,9 in januari naar +12,0 in april 2017, zet de POL voor het negende kwartaal op rij een positief cijfer neer. Dat is een evenaring van de positieve reeks aan het begin van de POL-metingen sinds 2006. De Limburgse ondernemers blijven daarmee duidelijk overwegend positief gestemd. Uitgezonderd de eenmalige piek in april 2011 en de vorige meting in januari, is het POL-cijfer van april 2017 de beste score sinds het begin van de zware crisis in 2008. In tegenstelling tot 2011 noteert de Limburgse economie nu reeds 7 kwartalen op een relatief constant en duidelijk positief niveau zonder grote schommelingen.

1ste kwartaal 2017 minder sterk dan verwacht…
De daling van POL wordt veroorzaakt door een minder sterk ingeschat 1ste kwartaal. Hoewel met +8,4 nog steeds positief beoordeeld, werd het voorbije kwartaal in vergelijking met de prognose van +16,2 drie maanden geleden toch een tegenvaller. Maar ook in vergelijking met het 4de kwartaal van 2016 (+11,5) vertoont het 1ste kwartaal van 2017 een duidelijke daling. De evaluatie van het voorbije kwartaal was de minst sterke in zeven kwartalen.

Met uitzondering van de winstmarge, die verder achteruitliep naar -14,1, bleven alle POL-indicatoren wel duidelijk positieve cijfers optekenen in het eerste kwartaal. De indicator voor de investeringen steeg zelfs door van +17,9 naar +21,0, wat bovendien sterker is dan 3 maanden geleden verwacht (+15,9). De drie overige indicatoren daarentegen konden de hooggespannen verwachtingen niet inlossen en gingen ondanks de positieve cijfers ook achteruit i.v.m. het laatste kwartaal van 2016: omzet daalde van +22,8 naar +16,4, terwijl export en stap terugzette naar +6,9 (van +10,7) en ook de tewerkstellingsgroei temperde naar +11,6 (was +18,4).

… maar optimistische vooruitblik blijft overeind
De vooruitzichten voor het komende kwartaal vertonen daarentegen een heel ander beeld en blijven nagenoeg status quo (+15,7) in vergelijking met het hoge cijfer van drie maanden geleden (+16,2). Het geeft aan dat de Limburgse ondernemers globaal genomen nog steeds uitgaan van een verdere aantrekking van de Limburgse economie.

Met uitzondering van investeringen (+12,9), waarover men dus terughoudender wordt, liggen de verwachtingen in vergelijking met de evaluatie van het voorbije kwartaal, overal hoger. Dat is uitgesproken het geval voor de POL-indicatoren omzet (van +16,4 naar +31,3) en export (van +6,9 naar +19,0), maar veel minder voor wat betreft tewerkstellingsgroei (van +11,6 naar +11,8). Opvallend is dat de prognose voor de indicator winstmarge voor het eerst in zes jaar een positief cijfer meekrijgt (+3,5). De laatste keer dat effectief een positieve evaluatie van de winstmarge werd opgetekend dateert echter al van 2007.

SECTORANALYSE
Bouw kent revival, productiebedrijven sterke terugval

Enkel de bouwsector vertoont in april 2017 een duidelijke versteviging van het ondernemersvertrouwen. In de dienstensector houden een betere evaluatie van Q1 en licht dalende vooruitzichten in vergelijking met drie maanden geleden elkaar in een perfect evenwicht. De drie overige sectoren geven daarentegen blijk van een afnemend sentiment. De groothandel blijft wel de meest positief gestemde sector en ook detailhandel blijft het goed doen, zeker in vergelijking met de voorbije jaren. Het zijn dan ook nagenoeg uitsluitend de productiebedrijven, en in het bijzonder hun opvallend zwakke evaluatie van het eerste kwartaal van 2017, die debet zijn aan de algemene daling van de POL. Hun prognose voor het komende kwartaal is in vergelijking daarmee dan weer opvallend positief. Ook de andere vier sectoren verwachten dat het tweede kwartaal duidelijk beter wordt dan het voorgaande.

  • In de bouwsector verbeterde het sentiment de voorbije 3 maanden duidelijk van +4,5 naar +10,5, in die mate dat men kan spreken van een revival, na een vijftal kwartalen waarbij de evaluatie van het voorbije kwartaal met de nullijn flirtte. Die stijgt nu door naar +7,5. De indicator voor omzet valt ietwat terug naar +19,2, maar de cijfers voor tewerkstelling (+19,4), export (+7,1) en investeringen (+9,7) kennen elk een uitgesproken verbetering in vergelijking met het vierde kwartaal van 2016. Enkel de inschatting van de evolutie van de winstmarge vertoont een valse noot (van -9,9 naar -18,1).  Bovendien zijn de verdere voortuitzichten ook duidelijk opwaarts gericht (+13,5). Daarmee is de bouw de enige sector waar de verwachtingen uitgesproken hoger liggen dan drie maanden geleden. Gekeken naar de deelindicatoren vallen enkel de vooruitzichten qua investeringen in het tweede kwartaal (-1,4) uit de toon.
  • De daling van de POL in april is in grote mate toe te schrijven aan het sterk gedaalde enthousiasme bij de productiebedrijven. Met +10,4 scoren zij zelfs het op een na laagste POL-cijfer van alle sectoren, nagenoeg volledig te wijten aan een opvallend slechte evaluatie van het voorbij kwartaal. Die blijft zelfs maar ternauwernood positief en daalt van +23,6 naar +2,1 (laagste evaluatie van alle sectoren). Alle deelindicatoren vertonen een sterke daling in Q1. Des te opvallender is het te zien dat de verwachtingen voor Q2 2017 terug aanpikken bij de hoge niveaus van voorheen (+18,8), wat toch weer het tweede hoogste is van alle sectoren. Op export na liggen de verwachtingen wel telkens wat lager dan drie maanden geleden.
  • Samen met de bouwsector is de dienstensector de enige waar het voorbije kwartaal (iets) sterker (+12,7) wordt ingeschat dan het voorgaande (+11,4). Omzet (+27,0) en investeringen (+33,3) trekken hun sterke cijfers nog verder opwaarts. Ook het exportcijfer stijgt, maar blijft met +2,6 op een veel lager niveau hangen. De tewerkstellingsgroei in de dienstensector nam wat gas terug (van +16,2 naar +10,8). De iets lagere vooruitzichten voor het tweede kwartaal van 2017 (van +16,8 naar +15,5), maakt dat het globale POL-cijfer status quo bleef op +14,1. Met +7,4 is zijn de dienstenbedrijven het meest hoopvol over de evolutie van de winstmarge komend kwartaal.
  • Door de terugval van de productiesector, zijn de ondernemers uit de groothandel veruit het meest positief gestemd, ondanks dat het globale POL-cijfer er daalt van +23,6 naar +19,8. Het voorbije kwartaal werd licht lager geëvalueerd, maar blijft met +18,5 duidelijk in de plus. Zoals in overigens alle vijf de sectoren zijn de verwachtingen voor Q2 met +21,1 ten opzichte van de evaluatie van Q1 ook in de groothandel positiever en bovendien het meest uitgesproken. Zelfs al betekent dat wel duidelijk een tempering van de verwachtingen van alle deelindicatoren (met uitzondering van winstmarge) in vergelijking met 3 maanden geleden.
  • De detailhandel tenslotte wist de opvallend positieve sprong voorwaarts naar +10,9 in januari, voor deze sector de hoogste score in 10 jaar tijd, grotendeels te handhaven (+9,2). Q1 (+5,7) was weliswaar minder sterk dan Q4 2016 (+9,1), maar voor de sector die in de voorbije 10 jaar slechts drie keer kortstondig boven de nullijn kon piepen, is dat een opsteker. Bovendien blijven de vooruitzichten voor Q2 2017 status quo behouden op +12,7. Vooral de omzetverwachtingen zitten verder in de lift (+22,1).

ANALYSE op basis van de BEDRIJFSGROOTTE
Kijken we naar de grootte van de bedrijven, dan tekenen zich duidelijk drie blokken af. De grootste bedrijven, deze met meer dan 250 werknemers, blijven op eenzame hoogte opereren en kijken met +43,9 optimistischer dan ooit naar het komende kwartaal. Bij de kleinere bedrijven (<20 wn.) zit het ondernemersvertrouwen duidelijk in de lift. Zij kenden én een beter eerste kwartaal én stijgende vooruitzichten. Dit in opvallende tegenstelling tot de middelgrote bedrijven voor wie het eerste kwartaal van 2017 het minst goede was van de laatste 7 kwartalen. Met uitzondering van de bedrijven met 20 tot 49 werknemers zijn de prognoses wel veel positiever voor het tweede kwartaal.

  • Bij de kleinere bedrijven, deze met minder dan 20 werknemers, verstevigde de POL in het eerste kwart van 2017. Voor de drie kleinste categorieën was niet alleen Q1 2017 een sterker kwartaal dan Q4 2016, maar stijgen de prognoses ook in vergelijking met drie maanden geleden. De kleinste bedrijven, deze met minder dan 5 werknemers, bleven wel als enige categorie nipt negatief (-0,4) in hun evaluatie van het voorbij kwartaal. De bedrijven met 5 à 19 werknemers komen hier echter voor het eerst sinds lang hoger uit dan de middelgrote bedrijven tot 100 werknemers. Zij kijken bovendien ook met grotere verwachtingen naar het komende kwartaal, vooral op vlak van omzet en export.
  • Voor de middelgrote en grote bedrijven met tussen de 20 en de 250 werknemers ziet de wereld er momenteel heel anders uit. Voor hen bleek het eerste kwartaal van 2017 een miskleun, zeker in vergelijking het laatste kwartaal van 2016, maar met zelfs telkens het laagste evaluatiecijfer in 7 kwartalen. Met +0,2 bleven de bedrijven met 50 tot 99 werknemers zelfs maar heel nipt ‘positief’. In tegenstelling tot de kleinere bedrijven liggen bovendien ook de vooruitzichten een pak lager dan drie maanden geleden. Voor de bedrijven met 20 tot 49 werknemers liggen de prognoses zelfs, als enige, lager dan de evaluatie van het voorbij kwartaal. Van de grote bedrijven met 100 tot 249 werknemers dient wel gezegd dat zij zowel qua evaluatie als qua prognose nog steeds de tweede hoogste scores laten optekenen van alle categorieën.
  • De grootste bedrijven, deze met meer dan 250 werknemers, blijven op eenzame hoogte noteren. Hoewel de evaluatie van het eerste kwart van 2017 een iets lager cijfer opleverde (van +34,9 naar +29,3) is het positivisme daarmee dubbel zo hoog dan de eerstvolgende categorie (100-249 wn.). Met +43,9 wordt bovendien optimistischer dan ooit uitgekeken naar het komende kwartaal.

Voor meer informatie kan u contact opnemen met:

Johan Schildermans                    Yves Houben
manager belangenverdediging                beleidsadviseur
VKW Limburg                        UNIZO Limburg    
tel. 011-24 95 09 of 0476-31 60 58                tel. 011-26 30 41 of 0495-66 07 67
johan.schildermans@vkwlimburg.be             yves.houben@unizo.be