Met "Ge Meent Da, Of Wa?" duikt UNIZO in de absurditeiten van het ondernemersleven en kijken we hoe UNIZO kan opkomen voor de belangen van ondernemers.

Deel 2 in deze reeks: Sabine

Een verhaal uit Houthalen, waar Sabine te maken kreeg met de tekortkomingen van de minder hinder premie bij openbare werken.

In de tweede aflevering van “Ge meent da of wa” brengt UNIZO-Limburg een aantal tekortkomingen van de minder hinder premie bij openbare werken onder de aandacht van het beleid. De ondernemersorganisatie roept ook meteen op tot een aanpassing van de wetgeving waardoor een reeks van tekortkomingen kunnen aangepakt worden. Een initiatief van in de vorige legislatuur van het Vlaams Parlement is een stille dood gestorven.  UNIZO-Limburg wenst dat met haar initiatief een nieuw voorstel tot wijziging van de wetgeving tot stand kan komen.

Onder bepaalde voorwaarden kunnen ondernemers met maximaal 9 werknemers die voornamelijk actief zijn in de retail of horeca een beroep doen op de hinderpremie bij openbare werken ten belope van 2.000 euro. 

Eén van de knelpunten verbonden aan deze minder hinder premie steekt de kop op bij de werken aan de Vredelaan in Houthalen-Helchteren. Sabine Vanormelingen baat aan de Vredelaan twee winkels uit. Alhoewel ze belastingen betaalt op de winsten van de twee winkels en momenteel dubbel hinder ondervindt door de werken, ontvangt Sabine slechts 1 minder hinderpremie.  Dit omdat er slechts 1 premie uitbetaald wordt op ondernemingsniveau.  Heeft die onderneming twee vestigingen, dan zal een tweede premie voor hinder op dezelfde werf nooit uitbetaald worden.  Sterker nog, een onderneming kan slechts 1 keer per jaar een premie ontvangen.  Indien Sabine een tweede winkel in Genk had, dan zou ze daar binnen het jaar ook geen premie ontvangen.  

 

“Deze situatie is te gek voor woorden”, zo stelt Bart Lodewyckx, gedelegeerd bestuurder Unizo-Limburg.  “Binnen de huidige wetgeving is het blijkbaar zo dat het aantal ondernemingsnummers die een ondernemer heeft bepaalt hoeveel premies men ontvangt, en helaas niet het aantal vestigingen en de effectieve hinder die zij daar ondervinden. 

Wij vragen dan ook dat deze wetgeving tegen het licht gehouden wordt en ook nog op een volgende vlakken aangepast wordt: 

  1. Een premie per vestiging in plaats van een premie op ondernemingsniveau, zoals hierboven beschreven
  1. Breng de premie naar minstens 2.500 euro 
  • De premie is van toepassing sinds begin 2017. Over de periode 1/1/17 – 1/1/25 bedraagt de inflatie cumulatief 21,89%. Rekening houdend met deze inflatie is 2.000 euro van 1/1/7 nu nog 1.641 euro waard. De premie moet dan ook minstens op 2.500 euro gebracht worden en voortaan periodiek aangepast worden op basis van inflatie en economische ontwikkelingen om de reële waarde van de steun te behouden. 
  • Pas het premiebedrag periodiek aan op basis van inflatie en economische ontwikkelingen om de reële waarde van de steun te behouden. 
  • Extra steun voor langdurige hinder: Bied aanvullende premies of compensaties voor ondernemingen die te maken hebben met uitzonderlijk langdurige of intensieve hinder. 
  1. Ook een premie voor bedrijven die meer dan 9 werknemers in dienst hebben 
    De onderneming mag maximaal 9 werknemers in dienst hebben. Verhoog het maximum aantal werknemers naar bijvoorbeeld 20, zodat ook middelgrote ondernemingen in aanmerking komen voor de premie. 
  1. Verruim de premie naar meer sectoren

De premie richt zich voornamelijk op detailhandel, horeca en diensten met direct klantencontact.  Breid de lijst van in aanmerking komende NACE-codes uit, zodat ook andere sectoren die hinder ondervinden, zoals productiebedrijven of kantoren, aanspraak kunnen maken op de premie. 

  1. Ook een premie bij minder dan 30 dagen hinder 

De openbare werken moeten minstens 30 opeenvolgende kalenderdagen duren. De financiële impact laat zich echter vanaf de eerste dag voelen en vaak het sterkst in het begin. Wij vragen dan ook om de vereiste duur van de werkzaamheden naar bijvoorbeeld 15 dagen, zodat ook ondernemingen die hinder ondervinden van kortere projecten ondersteund worden. 

  1. Ondersteun bedrijven in de hinderzone in plaats van in de werfzone 

De onderneming moet zich in de directe werfzone bevinden om in aanmerking te komen. Bedrijven net buiten de werfzone die grote hinder ondervinden (zoals omzetdaling of verminderde toegankelijkheid) moeten ook aanspraak kunnen maken op een premie 

  1. Van vaste naar ook flexibele openingsuren 

De getroffen vestiging moet vaste openingsuren hebben. Laat ook ondernemingen zonder vaste openingsuren, zoals bedrijven met flexibele werktijden, in aanmerking komen, mits zij kunnen aantonen hinder te ondervinden. 

  1. Hogere frequentie van toekenning 

Een onderneming kan de hinderpremie maximaal één keer per 365 dagen en één keer per hinderperiode ontvangen. Sta toe dat ondernemingen de premie meerdere keren per jaar kunnen ontvangen, vooral als ze met verschillende hinderperiodes worden geconfronteerd. 

Bekijk onze overzichtspagina

Meer info: 

  • Bart Lodewyckx, Gedelegeerd Bestuurder UNIZO Limburg, 0477 40 94 99 
  • Patrick Buteneers, Belangenbehartiging UNIZO Limburg, 0496 10 17 69 
  • Vicky Thoelen, PR & Communicatiemanager UNIZO Limburg, vicky.thoelen@unizo.be

Nuttig voor jou